KOEK

ROTTERDAM – Onder de naam Koersen Op Eigen Kunnen (KOEK), gingen jongeren en medewerkers van zes opvanginstellingen voor dak- en thuisloze jongeren in Rotterdam de afgelopen anderhalf jaar aan de slag met de PAja!-methode. Met PAja! verbeteren instellingen hun eigen dienstverlening en vergroten de deelnemers hun vaardigheden. De kern van deze methodiek is dat jongeren zelf hun begeleiding of opvang beoordelen, door middel van onderzoek onder medebewoners. Tegelijkertijd werken de deelnemende jongeren via een TalentTraject rondom werk en scholing aan hun eigen toekomstperspectief. Het Verwey-Jonker Instituut onderzocht de voortgang van KOEK en interviewde de jongeren en hun begeleiders/trainers. In het rapport lees je meer over het project en de uitkomsten van het evaluatieonderzoek.

Dakloze jongeren hebben vaak het gevoel geen grip op hun situatie te hebben. Dat begint bij het ontbreken van invloed op de wijze waarop ze opgevangen en begeleid worden. Ze ervaren een gebrek aan mogelijkheden om hun ideeën over de voorzieningen waarvan ze afhankelijk zijn naar voren te brengen. Ook uit recent onderzoek van de Rekenkamers van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht blijkt dat het belangrijk is om meer lering te trekken uit de eigen ervaringen van mensen in opvangvoorzieningen. Het ontbreekt gemeenten ook vaak aan onderzoek naar de tevredenheid van de cliënten over de ondersteuning die zij krijgen. Koersen Op Eigen Kunnen bracht die ervaringen wel in beeld en helpt het beleid van opvangorganisaties en de gemeente te verbeteren.

“Ik vind dat we heel veel bereikt hebben. Als je bij bepaalde instellingen kijkt, zie je toch wel vooruitgang. Toen we langs zijn geweest waren er al veel dingen ten goede veranderd.” – deelnemer over het effect van het keuringsonderzoek.

“Zelfrespect. Hoe beter om te gaan met mensen. Mijn eigen waarde niet vergeten. Bijna niemand in mijn eigen omgeving gelooft echt in mij en in wat ik doe, dus de trainers zijn een hele grote steun voor mij. Nog steeds als ik problemen heb kan ik naar ze toe. Ik heb me echt ontpopt hier. Ik kwam uit een hele moeilijke situatie, maar naarmate het project is gevorderd heb ik geleerd wie ik ben en dat ik me daarvoor niet hoef te schamen. Dat was altijd mijn probleem. Ik zal ze altijd dankbaar zijn.”– jongere over impact van de trainingen.

Dankzij het project zijn de voorzieningen op veel punten verbeterd, blijkt uit het onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut. Het gaat dan om concrete verbeteringen, bijvoorbeeld op het gebied van hygiëne, veiligheid en privacy, maar ook om individuele groei bij de jongeren. Dankzij het project konden zij hun vaardigheden vergroten. De meeste (langdurig) deelnemende jongeren kregen bovendien hun leven weer in rustiger vaarwater door de onderlinge steun en door de individuele aandacht en begeleiding van de trainers. Ook zijn er contacten gelegd in de stad met personen en organisaties die zich inzetten voor kwetsbare jongeren. Deze contacten maken de begeleiding van jongeren effectiever. De contacten hebben inmiddels geleid tot de start van een groot nieuw project voor het ondersteunen en activeren van thuisloze jongeren in Rotterdam. Ook is er een maatjesproject
voor jonge moeders herstart.

Initiatiefnemers
‘Koersen op eigen kunnen’ was een initiatief van Basisberaad Rotterdam, Stichting Mara, het Verwey-Jonker Instituut en onderzoeker/sociaal ontwikkelaar Maarten Davelaar. Zij werkten in dit project samen met Rotterdamse opvangorganisaties. Het project is gefinancierd uit bijdragen van de fondsen Kansfonds (hoofdfinancier), Laurensfonds, Fonds DBL, Stichting Jurriaanse (Volkskracht) en stichting Dioraphte en uit bijdragen van de projectpartners zelf.

* Op de foto de helft van het keuringsteam tijdens het afsluitende uitje naar Duinrell.